Articles

Aan een last onder dwangsom kan niet de voorwaarde worden verbonden dat voor de uitvoering van die last vergunningen nodig zijn

Aan een last onder dwangsom kan niet de voorwaarde worden verbonden dat voor de uitvoering van die last vergunningen nodig zijn

Aan een last onder dwangsom kan niet de voorwaarde worden verbonden dat voor de uitvoering van die last vergunningen nodig zijn

11.10.2013 NL law

In een recente uitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat aan een last onder dwangsom niet de voorwaarde kan worden verbonden dat de uitvoering van de last dient plaats te vinden met gebruikmaking van een (nog te verlenen) sloopvergunning en Ffw-ontheffing. De door het college opgelegde last impliceert namelijk reeds de toestemming om aan de last te voldoen en dus dat geen sloopvergunning meer hoeft te worden aangevraagd. Voor het Ffw-aspect kan de last echter geen toestemming impliceren, omdat het college daarvoor niet het bevoegd gezag is.

Wat is er in deze procedure aan de hand?

Het college van burgemeester en wethouders van Haaren heeft een last onder dwangsom opgelegd en daarin gelast een paardenstal, afrastering en lichtmasten te verwijderen en verwijderd te houden en het gebruik van de paardenbak te staken en gestaakt te houden. Aan deze last is de voorwaarde verbonden dat de uitvoering van die last, voor zover die ziet op het verwijderen en verwijderd houden van de paardenstal, dient plaats te vinden met een omgevingsvergunning voor het slopen en een ontheffing van de Flora- en faunawet (Ffw). Deze Ffw-ontheffing is nodig omdat er vleermuizen in de paardenstal zijn.

Last onder dwangsom impliceert toestemming om te slopen

Interessant aan deze uitspraak is dat de Afdeling in gaat op de aan de last verbonden voorwaarde dat voor de uitvoering van die last een omgevingsvergunning en een Ffw-ontheffing benodigd zijn.

De Afdeling oordeelt dat voor het voldoen aan de last in beginsel geen vergunning is vereist. De gegeven last impliceert namelijk de toestemming om aan de last te voldoen. Dit betekent dus dat een sloopvergunning niet meer hoeft te worden aangevraagd, zo meent de Afdeling. Alleen al om deze reden kon de voorwaarde niet aan de last worden verbonden.

Last onder dwangsom impliceert geen Flora- en faunawettoestemming

Een tweede probleem dat de Afdeling constateert, is dat het college niet het bevoegd gezag is om een Ffw-ontheffing te verlenen. Dit is namelijk de minister van ELenI. De opgelegde last kan dan ook niet impliceren dat ook daarvoor reeds toestemming is verleend. Het gaat immers om twee te onderscheiden bestuursorganen. De Afdeling oordeelt bovendien dat het college de uitvoering van de last ook niet afhankelijk kan stellen van de medewerking van een ander bestuursorgaan.

Beperkte consequenties

Geconcludeerd kan dan ook worden dat het college deze voorwaarde niet aan de uitvoering van de last heeft kunnen verbinden. De gevolgen van deze constatering zijn echter beperkt. De Afdeling oordeelt namelijk dat de last voor het overige wel in stand kan blijven.
Volgens de Afdeling zijn er geen aanknopingspunten zijn aanwezig voor het oordeel dat “reeds op voorhand vast staat dat de Ffw-ontheffing ondanks een daartoe ingediende toereikende aanvraag nimmer zal worden verleend”.
De Afdeling overweegt ten slotte nog dat als de Ffw-ontheffing toch nog zou worden geweigerd, het college verzocht zou kunnen worden om de last op te heffen wegens onmogelijkheid om aan de last te voldoen op grond van artikel 5:34 Awb. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt het besluit, maar uitsluitend voor zover het college daarin heeft bepaald dat de uitvoering van de last dient plaats te vinden met een omgevingsvergunning voor het slopen en een Ffw-ontheffing.

Deze uitspraak van de Afdeling van 25 september 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:1247) is met een annotatie van ons gepubliceerd in Bouwrecht (BR 2014/9).

Related news

10.04.2019 NL law
Gevolgen van de Wnra: schorsing voortaan met behoud van loon en de wettelijke verhoging van loonvorderingen

Short Reads - Vanaf het moment dat ambtenaren werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst, worden ook de civielrechtelijke bepalingen ten aanzien van deze overeenkomst van toepassing. Het gevolg is dat de overheidswerkgever en zijn werknemers te maken krijgen met fenomenen die zich in het ambtenarenrecht niet voordoen. Dit geldt bijvoorbeeld voor de mogelijkheid van schorsing zonder behoud van loon, de termijn waarbinnen aanspraak kan worden gemaakt op (ten onrechte niet betaald) loon en de wettelijke verhoging van loonvorderingen.

Read more

12.04.2019 NL law
Hoogste Europese rechter bevestigt dat overheden onrechtmatige staatssteun proactief moeten terugvorderen

Short Reads - De maand maart 2019 zal vermoedelijk de juridisch handboeken ingaan als een historische maand voor het mededingings- en staatssteunrecht. Niet alleen deed het Hof van Justitie een baanbrekende uitspraak op het gebied van het verhaal van kartelschade. Het heeft in de uitspraak Eesti Pagar (C-349/17) van 5 maart 2019 belangrijke vragen opgehelderd over de handhaving van het staatssteunrecht op nationaal niveau.

Read more

10.04.2019 BE law
Acrylamide: zijn frieten ook juridisch schadelijk voor de gezondheid?

Articles - De risico’s door de aanwezigheid van acrylamide in levensmiddelen noopten de EU tot het nemen van risicobeperkende maatregelen. Exploitanten van levensmiddelenbedrijven van bepaalde levensmiddelen (o.a. frieten, chips, koekjes, …) kregen de verplichting om tal van maatregelen te nemen.  De juridische kwalificatie van acrylamide en het regime van deze maatregelen worden in deze blog toegelicht.

Read more

10.04.2019 NL law
Casus Lotto c.s.: Aanpassing naam vergunninghouder bij nieuwe rechtsvorm? Let op de eisen van het Unierecht!

Short Reads - De Kansspelautoriteit kan de tenaamstelling van vergunningen voor onder andere Lotto en de Staatsloterij niet zomaar wijzigen als de rechtsvorm van de vergunninghouders verandert. Dit gezien het door het Unierecht gewaarborgde vrije verkeer van diensten en het daaruit voortvloeiende transparantiebeginsel. Dat blijkt uit een viertal uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ("ABRvS") van 13 maart 2019. Wat betekenen deze uitspraken voor de praktijk?

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring