Short Reads

Een schriftelijke handtekening en een digitale handtekening zijn niet inwisselbaar

Een schriftelijke handtekening en een digitale handtekening zijn niet

Een schriftelijke handtekening en een digitale handtekening zijn niet inwisselbaar

20.12.2013 NL law

Op 11 december 2013 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de raad van State een digitaal ondertekend – maar wel schriftelijk ingediend – hoger beroepschrift niet-ontvankelijk verklaard.

(ECLI:NL:RVS:2013:2374

Al sinds 2007 worden brieven (en blijkbaar ook beroepschriften) door het college van gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland digitaal ondertekend, zo volgt uit deze uitspraak. Onder het hoger beroepschrift dat is ingediend in de procedure die aan deze uitspraak ten grondslag ligt is het hoger beroepschrift als volgt ‘ondertekend’: “Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, voor dezen, mw. drs. J.A.M. Hilgersom, secretaris. Deze brief is digitaal vastgesteld, hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.”

De Afdeling overweegt dat een beroepschrift op grond van de Algemene wet bestuursrecht ondertekend moet worden. Bij schriftelijk ingediende beroepschriften ziet dat vereiste naar mening van de Afdeling op een fysieke handtekening. In dit geval voldoet het hoger beroepschrift daarom niet aan de wettelijke vereisten voor de indiening. De Afdeling verklaart het hoger beroep van het college van gedeputeerde staten dan ook niet-ontvankelijk. Uit de uitspraak volgt dat het college van gedeputeerde staten in de gelegenheid was gesteld door de Afdeling om dit gebrek te herstellen. Dat heeft het college echter niet gedaan. Uit de uitspraak volgt duidelijk dat hier geen sprake is geweest van een procedurefout door het college, maar dat er bewust voor is gekozen om het systeem van digitale ondertekening aan de orde te stellen. Het college heeft in reactie op het verzoek om het gebrek te herstellen vermeld dat het in mei 2007 formeel heeft besloten op het gebruik van digitale besluitvorming en van een digitale ondertekening over te gaan. In die reactie wordt tevens het systeem van de digitale handtekening uiteen gezet waarbij gegarandeerd zou zijn dat “de mandaathouder het besluit ondertekent door zijn eigen unieke autorisatiecode aan het digitale besluitdossier te koppelen, waarmee hij tegelijkertijd de voettekst van het besluit van één unieke besluitcode voorziet.”

De Afdeling komt echter aan de inhoudelijke beoordeling van het systeem niet toe. Wel wordt door de Afdeling nog opgemerkt dat “de mededeling in de reactie van 8 april 2013, dat mevrouw (X) als plaatsvervangend provinciesecretaris met haar eigen unieke autorisatiecode het hogerberoepschrift heeft vastgesteld, in tegenspraak is met de vermelding “mw. drs. (Y) , secretaris” aan de voet van het hogerberoepschrift, alsmede dat ter zitting desgevraagd niet kon worden verzekerd dat de provinciesecretaris onderscheidenlijk de plaatsvervangend provinciesecretaris de eigen unieke autorisatiecode daadwerkelijk zelf heeft aangebracht.” Het systeem lijkt dan ook niet helemaal waterdicht.

Deze uitspraak is voor de praktijk van groot belang omdat de provincie Zuid-Holland zeker niet het enige bestuursorgaan is dat met digitale handtekeningen werkt. De bestuursorganen zullen hun werkwijze voor de ondertekening van (hoger) beroepschriften derhalve vooralsnog aan moeten passen. De toekomstige nieuwe Wet (KEI-project) biedt echter nieuwe mogelijkheden voor digitale ondertekening.

Related news

24.01.2020 NL law
Can the government refrain from imposing enforcement measures if it is not within the offender’s power to comply with a standard?

Short Reads - What should be done if a stakeholder makes a request to the government for enforcement to rectify violations in a scenario where the offender does not have full power to comply because of a reliance on third parties? The Administrative Division of the Dutch Council of State ruled on 23 January 2019 that an administrative body cannot simply reject an enforcement request in such a situation, but must consider whether, for example, the imposition of an order subject to a penalty payment may provide an incentive for the actual termination of the violation.

Read more

16.01.2020 NL law
De Amsterdamse milieuzone voor brom- en snorfietsen: voertuigen van een bepaald jaar weren is mogelijk bij ontbreken van een redelijk alternatief

Short Reads - ABRvS 20 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3865 Deze blog is het vierde deel in een reeks Stibbeblogs over gemeentelijke milieuzones. In 2017 oordeelde de Afdeling over de milieuzone voor personen- en bestelauto’s met dieselmotoren in Utrecht. In 2018 presenteerde de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat haar beleid voor harmonisatie van uiteenlopende gemeentelijke milieuzones. Een jaar geleden maakten wij in een FAQ de balans op over de harmonisatie van milieuzones.

Read more

20.01.2020 NL law
Planologische medewerking mag worden geweigerd als initiatiefnemer zich in strijd met gemeentelijk beleid onvoldoende heeft ingespannen voor draagvlak

Short Reads - De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 18 december 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:4209) overwogen dat een bestuursorgaan geen planologische medewerking hoeft te verlenen aan de wijziging van een bestemmingsplan als de aanvrager zich niet heeft ingespannen om maatschappelijk draagvlak te creëren.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring