Short Reads

De opmars van de bestuurlijke boete: sanctionering bij niet naleving subsidievoorschriften

De opmars van de bestuurlijke boete: sanctionering bij niet naleving

De opmars van de bestuurlijke boete: sanctionering bij niet naleving subsidievoorschriften

27.12.2013 NL law

Op 1 juli 2013 is de Wet bestuurlijke boete meldingsplichten door ministers verstrekte subsidies geheel in werking getreden.

De Wet heeft weliswaar een beperkte inhoud maar potentieel grote gevolgen voor ontvangers van rijkssubsidies. De Wet introduceert namelijk een nieuwe sanctie. (“de Wet“). 

Wanneer een subsidieontvanger zijn meldingsplicht niet of niet tijdig is nagekomen, kan een (bestuurlijke) boete worden opgelegd. Dat betekent dat een subsidieontvanger naast het wegnemen van onterecht voordeel vanwege (gedeeltelijke) intrekking van de subsidie ook financieel nadeel kan lijden omdat een boete kan worden opgelegd. Subsidieontvangers zijn dan ook gewaarschuwd.

Inhoud wet

De Wet die tamelijk geruisloos door de Tweede en Eerste Kamer is gegaan, introduceert een aantal bijzondere meldingsplichten. De meldingsplicht geldt voor rijkssubsidies die na 1 januari 2013 door Ministers zijn verstrekt. Het gaat om subsidies in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (art. 4:21 Awb jo art. 1 Wet). De Wet verplicht de Minister in kwestie onder meer om in de subsidiebeschikking op te nemen dat de subsidieontvanger verplicht wordt hem schriftelijk op de hoogte te stellen wanneer de activiteiten op de datum waarvoor ze uiterlijk moeten zijn verricht niet zijn uitgevoerd. In het geval het de subsidieontvanger niet lukt om de activiteiten voor de desbetreffende datum af te ronden en hij nalaat dat te melden aan de Minister, dan kan hem een bestuurlijke boete worden opgelegd. Vanaf 1 januari 2014 bedraagt de boete in zo’n situatie maximaal €  20.250,–. De Wet introduceert daarmee een nieuwe sanctie naast de reeds bestaande sancties in de Awb wanneer subsidieverplichtingen niet of niet tijdig worden nagekomen (zoals de mogelijkheid tot intrekking of wijziging van de subsidie).

Praktijk

Het is nog niet duidelijk hoe de Wet in de praktijk uitwerkt. De Wet werpt nogal wat vragen op waaraan in het wetgevingsproces geen aandacht is besteed. Mag de in het kader van de subsidierelatie verstrekte informatie gebruikt worden voor de boeteoplegging en vice versa? Wordt de eventuele (gedeeltelijke) intrekking of wijziging van de subsidie ook betrokken bij de bepaling van de hoogte van de boete? Wat gebeurt er indien de Minister de meldingsplicht niet (expliciet) in de subsidiebeschikking heeft opgenomen? In elk geval blijft het in sommige gevallen niet alleen bij de hiervoor genoemde sancties maar moet de subsidieontvanger er ook rekening mee houden dat het niet nakomen van zijn meldingsplicht gevolgen kan hebben voor nieuwe subsidieaanvragen. Op grond van het Kaderbesluit BZK-subsidies wordt bijvoorbeeld voorzien in een verplichte registratie (voor de duur van vijf jaar) om misbruik van subsidies voor de toekomst te voorkomen. Daarin wordt onder meer vastgelegd welke subsidieontvanger een boete op grond van de Wet heeft opgelegd gekregen. Indien blijkt dat een subsidieaanvrager in de registratie is opgenomen, dan kan dat leiden tot additionele verplichtingen of zelfs weigering van de subsidie. Niet uit te sluiten valt dat de bestuurlijke boete in de toekomst ook op andere subsidierelaties van toepassing zal worden verklaard.  

Related news

07.11.2019 NL law
Symposium 'From Stint to Fipronil: a compensation fund for victims of energetic government intervention in crisis situations

Seminar - Stibbe is organising a symposium in Amsterdam on Thursday 7 November entitled 'From Stint to Fipronil: a compensation fund for victims of energetic government intervention in crisis situations'. During this symposium, Stibbe lawyer Tijn Kortmann and Prof. Pieter van Vollenhoven, alongside other experts,  will speak about the compensation fund which, according to van Vollenhoven, injured parties should be able to call upon if a decision by the government turns out to be too drastic.

Read more

08.10.2019 NL law
Omgevingsrecht en mobiliteit in ruimtelijke planvorming: meer samenhang is nodig

Short Reads - De bouw van zo'n 700.000 extra woningen, zoals aangekondigd in de Nationale woonagenda 2018-2021, zorgt voor grote gevolgen voor de mobiliteit. Mobiliteitsvraagstukken spelen bij ruimtelijke planvorming maar een beperkte rol en ook in de Omgevingswet ontbreekt een passende integrale mobiliteitsoplossing voor bepaalde ruimtelijke ordeningsprojecten.

Read more

08.10.2019 NL law
Annotatie bij ABRvS 26 juni 2019, waarin de Afdeling een vereniging als belanghebbende aanmerkt

Short Reads - Op 26 juni 2019 heeft de Afdeling twee uitspraken gedaan over de vraag of een vereniging die opkomt voor werknemers als belanghebbende als in artikel 1:2, derde lid, Awb kan worden aangemerkt. De Afdeling oordeelde dat medewerkers in beginsel niet als belanghebbende kunnen worden aangemerkt. Maar in tegenstelling tot de rechtbanken van Amsterdam en Limburg, oordeelde de Afdeling ook dat een uitzondering hierop kan worden gemaakt. 

Read more

08.10.2019 NL law
De Afdeling herhaalt haar jurisprudentie: bij een 'verdachte' rechtspersoon komt het zwijgrecht in beginsel alleen toe aan de bestuurders van die rechtspersoon

Articles - De uitspraak van 21 augustus 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:2801) betreft werknemers van een asbestverwijderingsbedrijf die bezig zijn met werkzaamheden in een pand. Na een melding van het asbestverwijderingsbedrijf zelf, vindt een inspectie plaats. Na een gesprek met de werknemers constateert de inspecteur dat sloopwerkzaamheden worden verricht, terwijl er in het pand asbesthoudende materialen zijn die nog niet zijn verwijderd. Het bedrijf krijgt om die reden een boete op grond van artikel 4.48a lid 1 Arbobesluit.

Read more

08.10.2019 NL law
Annotatie bij ABRvS 26 juni 2019, waarin de Afdeling een vereniging als belanghebbende aanmerkt

Short Reads - Op 26 juni 2019 heeft de Afdeling twee uitspraken gedaan over de vraag of een vereniging die opkomt voor werknemers (in dit geval de Kunstenbond) als belanghebbende als in artikel 1:2, derde lid, Awb kan worden aangemerkt. De Afdeling oordeelde dat medewerkers in beginsel niet als belanghebbende kunnen worden aangemerkt, omdat hun belang een van de werkgever afgeleid belang is en dat het is ontleend aan de contractuele relatie tussen werkgever en werknemer.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring