Short Reads

Maaltijdbezorger Deliveroo werkzaam op basis van opdrachtovereenkomst, geen arbeidsovereenkomst (annotatie)

Maaltijdbezorger Deliveroo werkzaam op basis van opdrachtovereenkomst

Maaltijdbezorger Deliveroo werkzaam op basis van opdrachtovereenkomst, geen arbeidsovereenkomst (annotatie)

05.09.2018 NL law

In deze annotatie bespreken Joren Wiewel en Jaap van Slooten de eerste uitspraak van een Nederlandse rechter over ‘de platformwerker’. De Kantonrechter Amsterdam oordeelt dat een maaltijdbezorger van Deliveroo werkzaam is op basis van een opdrachtovereenkomst en niet op basis van een arbeidsovereenkomst.

Over het fenomeen 'platformwerker' zijn veel vragen te stellen, waarvan enkele in de uitspraak aan de orde komen. De auteurs bespreken de rol die de klassieke Groen/Schroevers-doctrine speelt bij de kwalificatie van dit relatief moderne fenomeen. Zij concluderen dat de kantonrechter Groen/Schroevers terecht toepast en dat deze uitspraak laat zien dat voor platformwerk geen ander beoordelingskader nodig is dan voor andere arbeidsrelaties. Wel valt hen op dat de kantonrechter de passage uit Groen/Schoevers over de partijbedoeling anders toepast dan zij hadden verwacht. Die partijbedoeling ziet naar mening van Wiewel en Van Slooten namelijk niet op de juridische kwalificatie die partijen een overeenkomst – die strekt tot het verrichten van werk tegen betaling – beogen te geven, maar op de feitelijke omstandigheden waarmee zij de overeenkomst wensen in te richten. Een ander aspect van platformarbeid dat aan de orde komt, is de digitale aansturing van de relatie met de platformwerker.

De auteurs benadrukken verder dat de uitspraak slechts ingaat op de relatie van de platformwerker die in opdracht van het platform werkt (de maaltijdbezorger werkte immers in opdracht van Deliveroo). De uitspraak verschaft geen duidelijkheid over de vraag hoe de relatie met de platformwerker moet worden gekwalificeerd als het platform slechts fungeert als bemiddelaar tussen de platformwerker en de afnemer van de dienst.

De uitspraak laat volgens de auteurs in elk geval zien dat het niet moeilijk is om bepaalde vormen van arbeid buiten het arbeidsrecht te houden, namelijk daar waar de onderneming kan functioneren zonder zaaks- of momentgebonden instructies of de verplichting om op te komen dagen. Maaltijdbezorging leent zich daarvoor goed. Denkbaar is dat dit met behulp van digitale middelen kan worden uitgebreid naar andere sectoren. Volgens Wiewel en Van Slooten zal het voor de wetgever lastig zijn deze ontwikkeling tegen te gaan.

Related news

16.09.2020 NL law
Het bonus- en dividendverbod bij een beroep op de NOW-subsidie

Articles - De vraag of het gerechtvaardigd is om bonussen en dividend in corona crisistijd uit te keren, is een actueel maatschappelijk thema. Dit geldt in het bijzonder voor ondernemingen die een beroep doen op staatssteun, waaronder de huidige loonkostensubsidieregeling ingevolge de Tijdelijke noodmaat regel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (de “NOW”).

Read more

08.09.2020 NL law
Bestuursrechter bevestigt: de NOW kent geen ‘hardheidsclausule’ voor uitzonderlijke omstandigheden

Articles - Werkgevers die een NOW-subsidie aanvragen, maar niet voldoen aan alle vereisten, hebben geen recht op deze NOW-subsidie, ook niet in ‘uitzonderlijke gevallen’. Zo oordeelt een rechtbank in de eerste gepubliceerde bestuursrechtelijke uitspraak over de NOW. Deze uitspraak gaat over de eerste tranche van de NOW (de NOW 1), waarvoor van 14 april tot en met 5 juni 2020 subsidieverlening aangevraagd kon worden.

Read more

02.09.2020 NL law
De hoofdlijnen van de NOW-3

Articles - Op 28 augustus 2020 heeft het kabinet de Tweede Kamer geïnformeerd over een omvangrijk steun- en herstelpakket in verband met de economische gevolgen van de coronacrisis. Onderdeel hiervan is het continueren van de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW-3). Voor een toelichting op de NOW-1 en NOW-2 verwijzen wij naar onze eerdere e-books.

Read more