Short Reads

APV-gebiedsverbod van in één keer 6 maanden niet per se strijdig met Gemeentewet. Klopt dat?

APV-gebiedsverbod van in één keer 6 maanden niet per se strijdig met

APV-gebiedsverbod van in één keer 6 maanden niet per se strijdig met Gemeentewet. Klopt dat?

15.05.2017 NL law

Op 5 april 2017 heeft de Afdeling geoordeeld dat een gebiedsverbod voor de duur van 6 maanden (op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008 van Amsterdam) niet zonder meer onevenredig is gelet op (onder andere) artikel 172a  lid 4 (oud, thans lid 6) Gemeentewet. De vraag is of deze conclusie houdbaar is.

Achtergrond

Appellant heeft al meerdere keren gebiedsverboden gekregen in verband met ordeverstorende gedragingen met betrekking tot harddrugs of daarop gelijkende middelen en omdat hij antecedenten heeft op het gebied van het dealen in harddrugs.

Bij het voorlaatste gebiedsverbod heeft appellant te horen gekregen dat het volgende gebiedsverbod 6 maanden zou duren als hij dezelfde ordeverstorende gedragingen nogmaals zou begaan.

Dit mocht kennelijk niet baten: de burgemeester van Amsterdam heeft op 14 april 2015 aan appellant het bevel gegeven zich uit het 'dealeroverlastgebied' te verwijderen en zich gedurende 6 maanden niet in dit gebied op te houden. De burgemeester kan zo'n gebied aanwijzen op grond van artikel 2.8 APV.

Grondslag van het gebiedsverbod

De burgemeester baseert het gebiedsverbod op artikel 2.9A APV van Amsterdam (in werking getreden op 13 juli 2009). Op grond van deze bepaling kan de burgemeester een gebiedsverbod opleggen voor drie maanden aan degene die zich in een overlastgebied ophoudt, mits het aannemelijk is dat hij daar harddrugs of daarmee gelijkende middelen te koop aanbiedt of verkoopt en de aangeschrevene antecedenten heeft op dat gebied.

Dit verbod mag ook voor 6 maanden worden opgelegd aan degenen aan wie een soortgelijk verbod eerder is gegeven en die recidiveert binnen een jaar na dat eerdere verbod.

Gemeentewet: mogelijkheden tot opleggen van gebiedsverboden

Startpunt voor de burgemeestersbevoegdheden (in ieder geval wat gebiedsbeperking betreft) is artikel 172 lid 3 Gemeentewet, waarin de lichte bevelsbevoegdheid voor de burgemeester is geregeld. Dit is een ruime bevoegdheid die de burgemeester op een veelvoud aan manieren kan invullen. Een van die manieren is de oplegging van een kortstondig gebiedsverbod aan een individu.

De burgemeester kan ook een ingrijpender gebiedsverbod opleggen aan (i) first offenders wegens een ernstige verstoring van de openbare orde, of voor (ii) herhaaldelijke verstoring van de openbare orde. Dit verbod duurt ten hoogste drie maanden en kan driemaal drie maanden worden verlengd. De grondslag voor deze bevelsbevoegdheid is thans artikel 172a lid 6 Gemeentewet; toen de burgemeester het gebiedsverbod oplegde, was dat nog lid 4. Deze bepaling is op 1 september 2010 (met een wijziging op 1 juli 2015) aan de Gemeentewet toegevoegd in het kader van te nemen maatregelen ter bestrijding van voetbalvandalisme en ernstige overlast.

Weer een andere mogelijkheid is de noodbevelbevoegdheid uit artikel 175 Gemeentewet, op grond waarvan een burgemeester in noodsituaties een gebiedsverbod kan opleggen.

Relevante overwegingen Afdeling

In de uitspraak van 5 april 2017 betwist appellant niet zozeer dat hij de ordeverstorende gedragingen heeft begaan, als wel bestrijdt hij de juridische grondslag van het gebiedsverbod en de termijn van 6 maanden.

Allereerst oordeelt de Afdeling dat artikel 2.9A APV niet strijdig is met het recht op bewegingsvrijheid uit artikel 2 van het Vierde Protocol bij het EVRM (r.o. 5). De Afdeling ziet geen aanleiding artikel 2.9A APV onverbindend te verklaren; deze bepaling is gebaseerd op artikel 149 APV en behoeft geen expliciete grondslag in de Gemeentewet.

Vervolgens gaat de Afdeling in op de vermeende strijdigheid met artikel 172a lid 4 Gemeentewet (oud, thans lid 6). De Afdeling gaat echter niet mee in het betoog van appellant (r.o. 6):

  • In artikel 172a Gemeentewet is de bevoegdheid van de burgemeester opgenomen voor het geven van een verwijderingsbevel in het geval van ernstige verstoring van de openbare orde, met een duur van ten hoogste drie maanden.
  • Dit maakt niet dat verwijderingsbevelen met een duur van meer dan drie maanden niet aanvaardbaar zijn.
  • Voorts volgt uit het tweede lid van artikel 2.9A APV dat de bevoegdheid om een verwijderingsbevel met een termijn van 6 maanden te geven, is bedoeld voor de specifieke situatie dat iemand al eerder een verwijderingsbevel heeft gekregen en binnen een jaar de ordeverstorende gedragingen genoemd in het eerste lid opnieuw verricht.
  • De Afdeling ziet gelet op het vorenstaande geen aanleiding voor het oordeel dat een verwijderingsbevel met een termijn van 6 maanden zonder meer onredelijk is.
  • Overigens wijst de Afdeling nog op het inmiddels inwerking getreden zesde lid van artikel 172a Gemeentewet, waarin is bepaald dat een bevel als bedoeld in dat artikel geldt voor ten hoogste drie maanden, maar tevens dat een dergelijk bevel ten hoogste driemaal kan worden verlengd met ten hoogste drie maanden.
  • Gelet hierop kan de geldigheid van een dergelijk bevel zich uitstrekken tot de duur van een jaar.

Slotopmerking

De Afdeling komt kortom om twee redenen tot haar oordeel dat de burgemeester in één keer een gebiedsverbod voor 6 maanden mag opleggen: (i) ingevolge de Gemeentewet kan dit verbod voor de duur van een jaar worden opgelegd, (ii) bovendien is in de APV onderbouwd waarom een verbod van 6 maanden kan worden opgelegd (want: bij herhaling).

Gelet op de tekst van artikel 172a lid 6 Gemeentewet kunnen bij dit oordeel vraagtekens worden geplaatst. In dit artikel is namelijk bepaald dat (i) een gebiedsverbod voor maximaal drie maanden kan worden opgelegd en dat (ii) dit verbod ten hoogste drie keer met drie maanden kan worden verlengd.

Van belang hierbij is de volgende passage uit de Memorie van Toelichting:

"Iedere verlenging moet worden aangemerkt als een nieuwe beschikking waartegen beroep openstaat, en iedere verlenging zal ook steeds met redenen omkleed moeten worden. (…) De burgemeester dient een opgelegde maatregel tussentijds te wijzigen ten gunste van de betrokkene, indien nieuwe feiten of omstandigheden daartoe aanleiding geven. Dit betekent dat – vanuit een oogpunt van proportionaliteit – een opgelegde maatregel wordt beperkt of ingetrokken zodra daartoe aanleiding is. Daarnaast heeft de burgemeester de bevoegdheid op grond van nieuwe feiten of omstandigheden een maatregel tussentijds ten nadele van de betrokkene te wijzigen (uit te breiden). Indien het nieuwe feiten of omstandigheden betreft die geheel of grotendeels losstaan van de gedragingen die aanleiding hebben gegeven tot het oorspronkelijke bevel, ligt het veeleer voor de hand de oorspronkelijke maatregel in te trekken en een nieuwe maatregel op te leggen."

Weliswaar biedt artikel 172a lid 6 Gemeentewet de mogelijkheid om een gebiedsverbod van een jaar op te leggen, maar dan wel met vier beoordelingsmomenten (vier beschikkingen). De hiervoor geciteerde passage uit de Memorie van Toelichting biedt daarvoor ook aanknopingspunten. Dat is anders dan een gebiedsverbod dat in één keer voor 6 maanden wordt opgelegd. Overigens, volgt men de redenering van de Afdeling, dan zou men ook in één keer een verbod voor een jaar mogen opleggen.

Als de wetgever dat laatste had willen toestaan, zou de wetgever dan niet simpelweg hebben gekozen voor de formulering dat het verbod geldt voor ten hoogste twaalf maanden? Kortom, artikel 2.9A APV lijkt op gespannen voet te staan met artikel 172a lid 6 Gemeentewet.

De toekomst zal leren of deze lijn van de Afdeling gehandhaafd blijft.

Team

Related news

20.06.2018 NL law
Op weg naar één Europese spoorwegruimte: de aanpassing van de Nederlandse wetgeving aan het Europese recht

Articles - Het zogenaamde 'Vierde Spoorwegpakket' zal belangrijke gevolgen hebben voor de Europese spoorwegruimte. De Nederlandse regering maakt goede vaart met de aanpassing van het nationale recht aan de eisen die uit het Vierde Spoorwegpakket voortvloeien. Inmiddels is een daartoe strekkend wetsvoorstel aanhangig bij de Tweede Kamer. De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat heeft eind vorige maand het verslag van haar bevindingen ten aanzien van het wetsvoorstel uitgebracht.

Read more

20.06.2018 BE law
Boskaart en betonstop: wat brengt de zomer?

Articles - Op een zucht van het zomerreces heeft de Vlaamse Minister van Omgeving toch nog een aantal stevige dossiers op haar bureau. Behalve de felbesproken boskaart en het aan de betonstop gelinkte instrumentendecreet, is het ook uitkijken naar een reactie op een aantal uitspraken van het Hof van Justitie over de milieueffectenbeoordeling van plannen en programma's. Een stand van zaken.

Read more

20.06.2018 NL law
Naar een volwaardig recht op toegang tot de rechter en een eerlijk proces onder het EVRM?

Articles - Het recht op een toegang tot de rechter en een eerlijk proces van artikel 6 EVRM is één van de hoekstenen van dit verdrag. Naast strafzaken en zaken over bestuurlijke boetes vallen de meeste andere geschillen onder het toepassingsbereik van deze bepaling. Dit omdat er volgens de autonome Straatsburgse uitleg al snel sprake is van een geschil over de vaststelling van ‘civil rights and obligations’ als bedoeld in artikel 6 EVRM.

Read more

13.06.2018 NL law
B&W zijn niet bevoegd om een ontwerp verklaring van geen bedenkingen op te stellen in het kader van een projectomgevingsvergunning

Articles - De gemeenteraad is bevoegd tot het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) in het kader van een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik als bedoeld in artikel 2.12 lid 1 aanhef sub a en onder 3 Wabo (de projectomgevingsvergunning). Hoewel de bevoegdheid tot verlening van een dergelijke vergunning berust bij het college van burgemeester en wethouders, is het college niet bevoegd een ontwerpbesluit voor de vvgb voor te bereiden en ter inzage te leggen. Dit volgt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 9 mei 2018.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring