Short Reads

Stand van zaken Omgevingswet: uitvoeringsregelgeving en planning

Stand van zaken Omgevingswet: uitvoeringsregelgeving en planning

Stand van zaken Omgevingswet: uitvoeringsregelgeving en planning

31.10.2013 NL law

Op 28 oktober 2013 heeft de Minister van Infrastructuur en Milieu de “Voortgangsbrief Stelselherziening Omgevingsrecht oktober 2013” aan de Tweede Kamer verstuurd.

In de “Voortgangsbrief Stelselherziening Omgevingsrecht oktober 2013” geeft de Minister de stand van zaken ten aanzien van de Omgevingswet weer en de voortgang die sinds december 2012 is geboekt. Deze brief bevat onder meer de kernpunten van de onlangs openbaar geworden Hoofdlijnennotitie uitvoeringsregelgeving Omgevingswet.

Al bekend was dat het wetsvoorstel Omgevingswet in de zomer aangeboden is aan de Afdeling advisering van de Raad van State. Na het uitbrengen van het advies en het verwerken hiervan, zal het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer worden aangeboden.

Interessant is wat de Minister stelt over met name de uitvoeringsregelgeving en de planning.

Uitvoeringsregelgeving

Het plan is om de huidige 115 algemene maatregelen van bestuur (AMvB’s) en 120 ministeriële regelingen te bundelen, harmoniseren en aan te passen. Uit de brief blijkt dat op dit moment wordt gedacht aan de volgende drie AMvB’s:

1. AMvB Omgevingsbesluit:

Dit besluit zal de algemene en procedurele bepalingen bevatten ter uitwerking van de verschillendeinstrumenten van de Omgevingswet. Deze bepalingen zijn voor iedereen, zowel bedrijven, burgers als overheden, van belang. Dit besluit zal ook de vergunningenplicht uitwerken, inclusief de aanwijzing van het voor omgevingsvergunningverlening bevoegde gezag, en de regels voor digitalisering en handhavingbevatten.

2. AMvB Kwaliteit van de leefomgeving:

Deze regels richten zich uitsluitend tot bestuursorganen. Deze AMvB bevat de omgevingswaarden,instructieregels van het rijk aan decentrale overheden en toetsingskaders voor de verlening van omgevingsvergunningen.

3. AMvB Activiteiten in de leefomgeving:

Deze regels richten zich tot burgers en bedrijven (en overheden als initiatiefnemer). Het gaat hier omalgemene rechtstreeks werkende regels die op rijksniveau worden gesteld aan activiteiten in de fysieke leefomgeving. Hieronder vallen bijvoorbeeld het huidige Activiteitenbesluit en het Bouwbesluit 2012.

Implementatieproces

De Omgevingswet en uitvoeringsregelgeving zullen tegelijk in werking treden, zoals dat ook met de Wabo, Bor en Mor gebeurde. Uit de brief blijkt dat de inzet is om in 2014 met gemeenten, provincies en waterschappen een implementatieprogramma vast te stellen en afspraken te maken over verantwoordelijkheden, bekostiging en uitvoering ervan. Hieronder valt onder meer de invoeringsbegeleiding (trainingen, bijeenkomsten en informatiedragers) en het inrichten van een informatiepunt (een helpdesk, website/kenniscentrum, meldpunt klachten en instrumentarium voor meerjarige monitoring).

Digitalisering

De ambitie is om informatie zoveel mogelijk op maat te maken door het gebruik van standaard geo-coördinaten en waar mogelijk de communicatie met de overheid digitaal te laten verlopen.

Meer concreet is het doel ruimtelijke plannen en visies digitaal te ontsluiten en het digitaal indienen van aanvragen van vergunningen en meldingen uit te breiden naar het gehele domein van de Omgevingswet en te verplichten voor bedrijven. Verdergaande digitale ambities worden zoveel mogelijk losgekoppeld van inwerkingtreding om te voorkomen dat dit de inwerkingtreding van de Omgevingswet zou kunnen vertragen. Uitgangspunt is verder dat het huidige niveau van digitale ondersteuning overeind blijft en dat zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van beschikbare landelijke (e- overheid) voorzieningen.

Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH)

In de brief wordt ook ingegaan op het belang van een goede uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Hiertoe wordt een verkenning gestart. Als vertrekpunt daarbij worden al eerder ingezette ontwikkelingen en programma’s genomen. Hierbij kan gedacht worden aan de vernieuwing van de bouwregelgeving, de implementatie van het Programma Uitvoering met Ambitie (PUmA), de RUD-vorming met de wettelijke verankering daarvan in het wetsvoorstel VTH, het actieplan Implementatie Natuurwetgeving en het kabinetsstandpunt Odfjell.

Nu al Eenvoudig Beter

Verder wordt in de brief ingegaan op het project waarbij vooruitlopend op de invoering van de Omgevingswet al ervaring wordt opgedaan met het werken in de geest van de Omgevingswet. Dit project heet ‘Nu al Eenvoudig Beter’. Dit project stimuleert overheden en andere gebruikersgroepen om anders te werken. Enerzijds omdat de huidige knelpunten in het omgevingsrecht niet alleen juridisch zijn maar ook deels samen hangen met kennis, kunde, houding en gedrag. Anderzijds wordt de transitie naar het nieuwe stelsel vergemakkelijkt door vooruitlopend op de Omgevingswet stappen te zetten naar een eenvoudig betere uitvoeringspraktijk. Daarbij worden als voorbeelden genoemd: het faciliteren van ruimtelijke ontwikkeling (onder andere flexibel en/of globaal bestemmen), verbeteren van de kwaliteit van besluitvorming (onder andere de ‘sneller en beter’-aanpak) en versnellen en verbeteren van algemene regels en vergunningen. Meer informatie over dit project is te vinden op www.rijksoverheid.nl/nualeenvoudigbeter en http://praktijkvoorbeelden.vng.nl/.

Ook wijst de Minister op het ontwerp van de zevende tranche van het besluit Chw. Hierin wordt voorgesteld om zeven gemeenten te laten experimenteren met een bredere reikwijdte van het bestemmingsplan. Zie daarvoor het eerdere blogbericht. Hiermee krijgt het bestemmingsplan het karakter van het omgevingsplan en kan geëxperimenteerd worden met één van de instrumenten uit de Omgevingswet. Aangekondigd wordt dat in de komende tranches doorgegaan zal worden met experimenten met instrumenten uit het wetsvoorstel voor de Omgevingswet.

Planning

Ten slotte wordt in de brief ingegaan op de planning. De Minister streeft er naar om het wetsvoorstel in werking te laten treden in 2018 en hiervoor het wetsvoorstel al in 2016 in het Staatsblad te publiceren.

Parallel aan de behandeling in de Tweede en Eerste Kamer wordt gewerkt aan de eerder genoemde uitvoeringsregelgeving, een invoeringswet en invoeringsbesluit. De Omgevingswet zal pas in werking treden als de uitvoeringsregelgeving, de invoeringsregelgeving en de digitale voorzieningen gereed zijn.

Het streven is om in 2015 de concept AMvB’s gereed te hebben voor de formele toetsen en de consultatiefase.

De gehele Voortgangsbrief van de Minister is hier te lezen. Meer informatie over de Omgevingswet, waaronder de toetsversie, is te vinden op onze website http://www.pgomgevingswet.nl/.

Team

Related news

20.04.2018 NL law
Impact of the Energy Transition Act (wet VET) on the activities of system operators and energy suppliers

Short Reads - Legislative background On 22 December 2015, the Dutch Senate rejected the legislative proposal "STROOM", which included provisions to effectuate the Dutch Energy Agreement (Energieakkoord), by the narrowest of margins. Subsequently, a substantively similar legislative proposal, the Energy Transition Act (wet VET) was tabled and then shelved, as it was declared "controversial" by the Dutch House of Representatives, meaning that debate on the proposal was postponed until the new Dutch government was in office.

Read more

20.04.2018 NL law
De harmonisering van milieuzones

Short Reads - Een dik jaar geleden schreven wij hier op het Stibbeblog over de eerste uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over een milieuzone (Afdeling bestuursrechtspraak laat de Utrechtse milieuzone in stand). Wij voorspelden toen 388 verschillende milieuzones in Nederland. Ook de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat erkende dat gevaar en schreef in een kamerbrief van 5 april 2018 over de harmonisering van milieuzones. Wij staan daar in dit blog kort bij stil.

Read more

18.04.2018 BE law
FAQ: vergt uw project of plan een passende beoordeling?

Articles - Arrest C‑323/17 van het Europees Hof van Justitie is relevant voor elke initiatiefnemer die zich afvraagt of een passende beoordeling nodig is. Met name antwoordt het Hof, in een Ierse zaak over windparkkabels en mosselen, negatief op de vraag of de voortoets, die aan de passende beoordeling voorafgaat, reeds mitigerende of beschermingsmaatregelen (meer bepaald: maatregelen ter voorkoming of beperking van de nadelige gevolgen van het voorgenomen project) mag bevatten. Deze post zet een stap achteruit en bespreekt het ruimere kader van het instrument van de passende beoordeling. 

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring